Een trip naar een van de warmste plekken op aarde: Death Valley. Het was de bedoeling om vanaf de campground in Weldon naar Furnace Creek in Death Valley te rijden. In Furnace Creek zouden we dan overnachten. Een campground met het enige zwembad ter wereld dat gekoeld moet worden is ons verteld door oud-Amerikagangers.
Aangezien het een trip van ongeveer 300 kilometer was, en het in een kleine 3 uur te doen zou zijn, vertrokken we pas rond half tien. We houden toch al niet van haasten. Rustig wakker worden, goed ontbijt en in alle rust op weg. El Monster vond dat ook wel een goed idee, want de RV deed het in het begin lekker rustig aan. Laag in de toeren, geen gegier of geblaas.
Na de eerste bergkam, met lange rechte stukken klimmen en dalen, en veel Yoshua trees, kwamen we op de Freeway 395. Behoorlijk nieuw asfalt, redelijk vlak en weinig verkeer. Maximum toegestane snelheid 70 Mph; het schoot lekker op. De omgeving toonde ons wel al een voorproefje van wat komen ging. Lange uitgestrekte dorre vlakten met aan weerszijden hoge bergen. Op de vlakten zand, rotsachtig, zoutafzettingen wat armetierige begroeiing. Met zo nu en dan een gehuchtje of een serviceplaats. Hier en daar een vervallen schuur of gebouwtje. Dat was het dan wel.
Maar mooi! En dit was nog niet eens het begin.
Bij de ingang van de Valley hielden we aan bij het welkomsbord. Op het laatst daar werd het wel duidelijk dat het een hele hete reis zou gaan worden. Snel wat foto's en filmmateriaal, een dansje van Lisanne en Ria midden op straat en vlug weer in de bus.
Een stuk verderop het eerste echte stuk woestijn. Met een dorre gebarsten zandvlakte. Dit was pas echt! Dit werd ook nog heter. We voelden de zon inbranden op blote delen huid. Toch maar niet te lang buiten blijven.
In Stovepipe Wells een parkwachter aangehouden en die vertelde dat het op dat moment (rond 12 uur plaatselijke tijd) 45 tot 47 graden Celsius was. Dat was op zeeniveau. Een stuk verderop ligt de vallei nog eens een kleine honderd meter onder AP, dus nog heter.
De zandduinen waren prachtig om te zien. Het zand daar is om je vingers aan te verbranden, zo heet. Dat stuk is echt een braadpan. Wat heet! Dat overnachten in Furnace Creek geen pretje zou worden was nu wel al zeker. Dat we überhaupt in dat gehuchtje zouden gaan overnachten werd steeds meer de vraag. De planning is er om van af te wijken, dus lag er al een plan B klaar. Altijd een plan B gereed hebben, zei Winnetou, der alte Hauptling der Indianer vroeger al!
Tijdens de stop in Furnace Creek bij het visitorcentre werden knopen doorgehakt. Plan B: doorrijden naar Las Vegas. Volgens Google Maps een tocht van rond de 290 km en het zou een kleine 2 uur en veertig minuten gaan duren. De navigator gaf een soortgelijk beeld.
Helaas begon TT-Truus na de voortzetting na Furnace Creek kuren te krijgen. Ingesteld op altijd de snelste route bedacht madam dat het óók over onverharde paden best snel kan gaan. Dus iedere zand- of gravelweg wilde zij ons af laten slaan. Na 2 a 3 van die fratsen werd TT-Truus tijdelijk de mond gesnoerd. Mond houden en eerst maar eens over je zonden nadenken. Pas op het einde van de rit, in Vegas, mocht zij weer mee gaan praten. En eerlijk is eerlijk, dat deed zij perfect.
De ontvangst op de Koa-campground in Las Vegas, aan het begin van de strip, was geweldig. Hoewel de gastvrouw hoor- en zichtbaar vermoeid was, bleef zij ons vriendelijk, maar vooral ook spontaan te woord staan.
De lokatie is bijna perfect. Ja, midden in de stad; ja op het brandende asfalt en nee absoluut geen schaduw. Maar toch: de douches zijn schoon en verzorgd; er zijn genoeg toilet- en douche-units aanwezig. Er si wederom een zwembad. En, uiteindelijk het doel van plan B, het is dicht bij de Strip.
Zo mooi, zo van onbeschrijfelijke schoonheid de natuur onderweg was, zo hectisch, onecht en decadent de stad. Het is een bordkartonnen stad; een Disneyland voor volwassenen. En toch ook heel bijzonder om te zien. Vooral als de lichten aangaan. Een metamorfose, het komt tot leven. De waanzin stijgt met de minuut tot een hoogtepunt van drank seks en gokken. En toch heel bijzonder om van dichtbij te kunnen bekijken.
Ter afsluiting hebben we bij Danny's heerlijke stukken gebak met een frisdrankje genuttigd. Nu ligt het vrouwelijke deel van ons reisgezelschap al op een oor. Helemaal uitgeteld!
Death Valley is een waanzinnig mooi stuk natuur, dat hopelijk nog heel lang kan blijven bestaan. Min of meer onaangetast. Het is jammer dat wij slechts op doorreis waren. Dit hoor je als bezoeker te ondergaan en niet alleen maar even van proeven. Maar we zijn er doorgekomen; we hebben gezien dat het er heel erg mooi is. We weten nu ook dat het er echt heel heel heel het is. We hadden het niet willen missen.
Als iemand eens een meer persoonlijke kijk op onze Amerika-trip wil lezen, kijk dan eens op volgende site: http://orphirin.tumblr.com/ .
Licenseplate counter: 34
Tijdens de stop in Furnace Creek bij het visitorcentre werden knopen doorgehakt. Plan B: doorrijden naar Las Vegas. Volgens Google Maps een tocht van rond de 290 km en het zou een kleine 2 uur en veertig minuten gaan duren. De navigator gaf een soortgelijk beeld.
Helaas begon TT-Truus na de voortzetting na Furnace Creek kuren te krijgen. Ingesteld op altijd de snelste route bedacht madam dat het óók over onverharde paden best snel kan gaan. Dus iedere zand- of gravelweg wilde zij ons af laten slaan. Na 2 a 3 van die fratsen werd TT-Truus tijdelijk de mond gesnoerd. Mond houden en eerst maar eens over je zonden nadenken. Pas op het einde van de rit, in Vegas, mocht zij weer mee gaan praten. En eerlijk is eerlijk, dat deed zij perfect.
De ontvangst op de Koa-campground in Las Vegas, aan het begin van de strip, was geweldig. Hoewel de gastvrouw hoor- en zichtbaar vermoeid was, bleef zij ons vriendelijk, maar vooral ook spontaan te woord staan.
De lokatie is bijna perfect. Ja, midden in de stad; ja op het brandende asfalt en nee absoluut geen schaduw. Maar toch: de douches zijn schoon en verzorgd; er zijn genoeg toilet- en douche-units aanwezig. Er si wederom een zwembad. En, uiteindelijk het doel van plan B, het is dicht bij de Strip.
Zo mooi, zo van onbeschrijfelijke schoonheid de natuur onderweg was, zo hectisch, onecht en decadent de stad. Het is een bordkartonnen stad; een Disneyland voor volwassenen. En toch ook heel bijzonder om te zien. Vooral als de lichten aangaan. Een metamorfose, het komt tot leven. De waanzin stijgt met de minuut tot een hoogtepunt van drank seks en gokken. En toch heel bijzonder om van dichtbij te kunnen bekijken.
Ter afsluiting hebben we bij Danny's heerlijke stukken gebak met een frisdrankje genuttigd. Nu ligt het vrouwelijke deel van ons reisgezelschap al op een oor. Helemaal uitgeteld!
Death Valley is een waanzinnig mooi stuk natuur, dat hopelijk nog heel lang kan blijven bestaan. Min of meer onaangetast. Het is jammer dat wij slechts op doorreis waren. Dit hoor je als bezoeker te ondergaan en niet alleen maar even van proeven. Maar we zijn er doorgekomen; we hebben gezien dat het er heel erg mooi is. We weten nu ook dat het er echt heel heel heel het is. We hadden het niet willen missen.
Als iemand eens een meer persoonlijke kijk op onze Amerika-trip wil lezen, kijk dan eens op volgende site: http://orphirin.tumblr.com/ .
Licenseplate counter: 34
Geen opmerkingen:
Een reactie posten